19-08-08

Lekker

aardbei

"Lekker" zegt hij.
"Ja inderdaad, een geslaagde combinatie, de krab gaat heel goed samen met de grenadine-pompelmoesvinaigrette. Mooie presentatie zo in een rondje. Zeker met al die kleuren die aan de zijkant in laagjes verschijnen. Het groene van de avocado en het roos van de pompelmoes. Origineel. Die geplette cashewnoten ertussen geven het ook een extra dimensie, onverwacht krokant." beaam ik met een halfvolle mond.
"Ik had het op jou."
Ik bloos en eet stilletjes mijn mond verder leeg.
"Volgens mij smaak jij ook zoetzuur." zegt hij.
"Aardbeien met vanilleslagroom en citroenzeste, zo stel ik me jou voor."
Mijn gezicht moet ondertussen roder zijn dan eender welke zongerijpte vrucht.
"Hoe denk jij dat ik smaak?" vraagt hij.
Ik weet niet dadelijk wat antwoorden. Ik lik de stroperige vinaigrette van mijn lippen en stel me voor dat dat zijn lichaam is.
"Zoals Ramiro paprika's" zeg ik in een opwelling.
"Rode, langwerpige, krokante maar toch zachte en zoete paprika's" verduidelijk ik.
Niet dat hij niet weet hoe deze paprika's smaken.
"Mijn favoriete groente" zeg ik knipogend.
"Ideaal in een slaatje of een soepje aangemaakt met balsamico en bruine suiker, moet je eens proberen", zeg ik overtuigend.
"Dat zal ik zeker doen" zegt hij.
Hij buigt over de tafel naar mij toe en fluistert "na de aardbeien met slagroom".
Hij brengt zijn hoofd nog dichter bij het mijne.
Ik doe mijn ogen toe zoals ik dat doe bij de eerste hap van een uitzonderlijk gerecht.
Zijn lippen raken zachtjes de mijne.
Zijn tong dwarrelt proevend rond.
We likken elkaars lippen af.

"Lekker" zeggen we tegelijkertijd en we proeven verder.
Van elkaar.

21:31 Gepost door Elle in Fictie | Permalink | Commentaren (6) | Tags: lekker, smaak, proeven, likken |  Facebook |

25-07-07

Wat deed de prins op het witte paard in het bos?

prince charmingWat deed de prins op het witte paard in het bos?  (dienen van Sneeuwwitje) "Paardrijden", zou een simpel antwoord zijn maar ik ben een vrouw en dus van nature niet geneigd een eenvoudig en logisch antwoord te geven.
Het zit zo: De Prins is een watje. Een platte sjat.  Strandjanet.

Volgt u even volgende conversatie tussen moeder en zoon:
 
"Mijn allerliefste en knapste zoon (hij is enig kind), je moet iets voor je moedertje doen"  vraagt de koningin met een honingzoete stem terwijl ze met haar opgeplakte wimpers knippert (eerder deze week vlogen haar echte in de fik toen ze een versgerolde saf opstak).
"Ma, je hebt toch weer geen klaphoef gereden?" vraagt de prins.
"Weer, niet overdrijven hé mijn lief prinsje, 't is sinds mijn vorige cyclus geleden dat ik brokken maakte. Kan jij mijn wit ros even naar de smid achter het Grote Griezelige Bos brengen? Ik moet naar Dr Hooiberg voor mijn maandelijkse boomtox-beurt."
"Oh nee, ma, ik wil niet met jouw wit paard rondrijden, zeker niet nu je roze extensions in haar manen hebt laten plaatsen. Dat is niet goed voor mijn reputatie. De ridders lachen nu nog met het nacré zadel met pelsrandje waarop je me vorige keer liet rijden. En de rovers in het Grote Griezelige Bos namen niet alleen mijn goudstukken maar ook mijn maagdelijkheid af".
"Ach jongen, niet overdrijven. Zo erg is dat immers niet. Smeer je poep vooraf voor alle zekerheid in, dan doet dat zo geen zeer".
"Mama, ik wil echt niet gaan. Die smid is een creepy ventje, een voetenfetisjist, hij neemt mijn kousen af en begint er zodanig op te zabberen dat de kwijl uit zijn mond zopt. Is er niemand anders die de hoeven kan vervangen?"
"Nee, ik wil niet dat Taxius erachter komt en alle vaklui binnen de omwalling werken met hem samen. Als het aan zijn oren komt verlies ik mijn drafbewijs en geraak ik niet meer bij mijn pap-vriendje. En je weet, als de mama haar lusten niet kan botvieren komt ze 's nachts naar jouw kamer. Het is dus voor je eigen bestwil mijn lief prinsje. Weet je wat, als je bij de smid bent, bestel dan voor jouw Stallion van die spider-hoeven die je vriendjes zo knap vinden".
"Oh mama, dat is super, ik vertrek morgen nog voor zonsopgang".
 
En wat is nu het antwoord op de vraag? Ik ben een weegschaal en kan dus niet kiezen, doet u dat maar: "Wat deed de prins op het witte paard in het bos?"

A. Paardrijden
B. Zijn ballen zoeken
C. Een afspraak maken met de secretaresse van dokter Hooibergs om een datum vast te leggen voor een geslachtstransformatie?
D. Speelde hij onder één hoedje met Taxius en beraamden zij een venijnig plan om de koningin terug te pakken?
E. Liet hij valse nagels met french manicure plaatsen?
 
 
P.S. Eten Eskimo's ijsjes? Nee tuurlijk niet, wij eten toch ook geen aarde.

05:15 Gepost door Elle in Fictie | Permalink | Commentaren (8) | Tags: prins, witte paard, prinses, sneeuwwitje |  Facebook |

30-04-07

Een warme lenteavond

madeliefjesEen warme lenteavond. Ik had behoefte aan afkoeling en beweging. Ik dacht aan de fiets die ik voor mijn plechtige communie kreeg en die stond te ru(oe)sten in mijn tuinhuis. Met een grove borstel verwijderde ik de spinnenwebben en het winterstof. Ik pompte de banden op en controleerde de hoogte van het zadel. Alles ok, ik kon op pad.

 

Ik reed het fietspad op en sloeg na 100 meter de veldweg in die ik als kind en tiener dagelijks nam om naar school of mijn vriendjes te rijden. De lauwe wind blies door mijn haar en streelde mijn blote benen. Ik besefte dat het niet slim was te fietsen met een luchtig rokje aan maar het kon me niet deren. Het zadel stond vooraan lichtjes omhoog waardoor ik niet rustig kon blijven zitten. Het opvliegend stof van de veldweg omhulde mijn voeten. Enkele dondervliegjes zochten rust op mijn benen. Zachtjes veegde ik hen van me af. De aanraking zorgde voor een tinteling over de hele lengte van mijn benen. De positie van het zadel bevorderde het gekriebel op die éne plek. Een rilling van in mijn nek. Mijn lichaam kronkelde in de poging dat onrustige gevoel te bedwingen. Ik keek rond me heen. Buiten enkele dartele konijntjes en lome koeien geen beweging, geen mens te zien. Onrust werd lust. Ik stak mijn hand onder mijn rokje. Ik schoof de zachte stof van mijn rode string opzij om mijn naakte huid op het zadel te voelen. De onregelmatige weg en de afwisselende druk van het zadel hitsten me op.

 

Tuuuuuuuuuuut. Ik schrok. Ik was zo in mezelf gekeerd dat ik niet had gehoord dat een tractor me inhaalde. Ik keek om en zag dat de bestuurder was afgestapt. “Hey, da’s lang geleden” zei hij met pretoogjes. Hij was de jongen die naar me knipoogde als ik witloof moest gaan halen bij ‘den boer’. Ik was 14 en hij 19. Ik begreep niet waarom zo’n grote jongen naar me lonkte. Als puber viel ik niet op ‘oudere mannen’.

“Hey” zei ik stilletjes terug. Een zachte bries veranderde plotseling in een windstoot waardoor mijn rokje omhoogvloog en duidelijk werd dat bepaalde kledingstukken ‘verschoven’ waren. Ik bloosde. Hij bloosde. Ik maakte aanstalten om verder te rijden maar hij kwam voor mijn fiets staan en legde zijn hand op mijn dij. En hoger. Ik probeerde te pretenderen dat het me niets deed maar duwde hem ook niet weg. Hij nam mijn hand en begeleidde me naar de weide. Hij zette zich neer op het vers afgeknabbelde gras en gebaarde me hetzelfde te doen. “Dit is mijn jongensdroom” zei hij stilletjes, “hier met jou in de velden, tussen de madeliefjes”. Ik boog naar hem toe en kuste hem op zijn volle, lichtjes door de zongekloofde lippen. Zijn handen streelden mijn borsten. Sterke maar zachte handen. We rolden door het gras ons niet meer bewust van de wereld om ons heen. Kalm maar stevig nam hij me. En ik gaf. Ik gaf me over zoals ik het nog nooit deed.

 

Bedankt om mijn jongensdroom te vervullen fluisterde hij terwijl onze lichamen tegen elkaar lagen na te zinderen. Ik kust hem nogmaals, lang en zacht. Ik stond recht en fatsoeneerde mijn kleren. Ik stapte op mijn fiets en reed weg. Uit die droom. Want iets anders was het niet.

 

Want had het echt geweest dan was het eerder zo gegaan:

Tuuuuuuuuut, tuuuuuuuuuuuuuuut, tuuuuuuuuuur “Ha wie dat we hier hebben. Kwam jij vroeger geen witloof halen bij ons in de schuur? Jaja, jij was het meisje waarover ik fantaseerde terwijl ik tussen de koeien stond te rukken. Hmmm, gij staat heet precies?”

Hij kwam voor mijn fiets staan en grabbelde met één hand mijn borst vast. Hij neep in mijn tepel zoals hij dat 's morgens bij de koeien moet. Met zijn andere hand wroette hij brut tussen mijn benen. “Goe nat precies” zei hij met een grijns op zijn gezicht. Hij smeet mijn fiets weg en duwde me op de grond. Hard en zonder ritme beukte hij in me.  Na 10 sec rolde hij van me af en zei “dju mijn sigaretten liggen nog in den tractor, schatteke, ga die eens halen”. Ik stond recht, fatsoeneerde mijn kleren en reed weg.

 

Ok nee, laten we eerlijk zijn. In real life zou ik die man nooit laten begaan. Ik zou het wiel van mijn fiets hard tussen zijn benen beuken en zeggen ‘dream on’. En wegrijden. En dromen van hoe het wel kon.

22:47 Gepost door Elle in Fictie | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

17-03-07

Prikkel

Hetvolgende is fictie. Ontsproten uit de combinatie van een teveel aan fantasie en een tekort aan vele andere dingen. En de zin om te schrijven en creëren.

 

Cactus

Je kijkt me aan vanachter je bureau, zoals je zo vaak doet. Je zegt niets maar staart.

Dan wend je je hoofd af en lacht, stil. ‘Wat?’vraag ik. ‘Nikske’ zeg jij, gevolgd door die grijns. ‘Waarom lach je dan?’ vraag ik lichtelijk geïrriteerd. ‘Zomaar’, zeg je genietend. Je vindt het leuk dat ik prikkelbaar ben vandaag.

‘Je kan me niet zomaar aanstaren en lachen zonder iets te zeggen’, blaf ik je toe.

‘Toch wel’ zeg je, ‘lastig hé’.

 

En ja, ik zou nu beter weggaan en pretenderen dat het me niet enerveert of ik niet wil weten wat er in je hoofd omgaat. Maar dat doe ik natuurlijk niet. Ik stel me voor dat ik de cactus op mijn bureau naar je hoofd katapulteer, op zo’n manier dat het zware stenen potje eerst tegen je voorhoofd komt, dan langs je ogen en lippen kantelt en die gehavend achterlaat om uiteindelijk tussen je benen te belanden, met die éne lange dikke stekel in je ballen. Ploef (want een serieuze plop zal het wel niet zijn). En tegelijkertijd (want vrouwen kunnen dat, twee dingen tegelijk denken) besef ik dat ik die cactus ooit van jou kreeg met de melding ‘dan ben ik niet de enige die je prikkelt’. Ik stond er toen niet bij stil. Zoals ik zelden doe als jij iets zegt. De éne helft van je woorden baant zich zoals een IRC trein een directe weg van het éne oor naar het andere en zo weer terug de wijde leemte in. De andere helft blijft onverwerkt in mijn brein hangen (wat inderdaad niet zo gezond is en al een gedeeltelijke verklaring van mijn periodieke prikkelbaarheid).

 

Opeens sta je recht en je stapt naar me toe. Je komt vlak voor me staan, op een niet door het arbeidsreglement goedgekeurde afstand van mijn lichaam. Je beweegt je hoofd naar me toe, zachtjes, beheerst. Je stopt op een cm van mijn gezicht. Ik voel de warmte van je adem maar ik geef geen krimp, vertik het om een stap naar achter te zetten. Je lippen bewegen zich rakelings langs de mijne. Je mond baant zich een weg naar mijn oor en zachtjes zeg je: ‘Geen enkele vrouw prikkelt me zoals jij dat doet. Je speelt de hoofdrol in mijn dromen, mijn fantasieën en verlangens. Jij bent voor mij het summum van vrouw-zijn. Ik wil je voelen, strelen, beminnen. Ik wil elke morgen naast je wakker worden en opmerken hoe je haar dan langs één kant stijl omhoog staat en hoe je je daar telkens weer in enerveert.  Ik wil je doen genieten en je lichaam voelen sidderen tegen het mijne. Ik wil je nemen. En houden. Misschien zelfs van. ‘ Je neemt even adem en gaat nog iets stiller voort: ‘Jij prikkelt al mijn zintuigen, elke beweging of zucht van jou maakt me horendol. Jij … ‘ je zucht en je zwijgt en kijkt me vragend aan.

 

Ik sta nog steeds vlak tegen je lichaam, geen stap verzet. Ik kijk recht in je ogen, gedurende enkele seconden. Ik wend even mijn hoofd af en lach, stil. Ik kijk je weer aan, begeef mijn lippen dichter naar je toe en fluister in je oor: lastig hé.

14:43 Gepost door Elle in Fictie | Permalink | Commentaren (7) | Tags: prikkels, prikkelbaar |  Facebook |